Samen in één pot lijkt zuinig, maar je verliest oogst

Bij mengteelt in potten is niet de combinatie het probleem, maar het aantal liters per plant. Een tomaat, paprika of komkommer heeft tien tot twintig liter substraat voor zichzelf nodig; sla, radijs en kruiden redden het met drie tot vijf liter per plant. Zet je twee grote vruchtdragers in een pot van tien liter, dan verlies je oogst, niet omdat ze elkaar niet liggen, maar omdat er te weinig grond is.

Samen in één pot lijkt zuinig, maar je verliest oogst

Ik heb dat lang verkeerd gedaan. Half mei, een pot van tien liter op de tegels van mijn balkon op het zuiden, een tomatenplantje van twintig centimeter en daaromheen een ring radijszaad, want radijs is toch snel klaar. De pot zag er vol uit, de grond rook naar vocht, alles stond netjes in de zon. Twee weken later at ik radijs. In juli hing er één tros aan een plant die niet verder kwam, en de onderste bladeren krulden naar binnen.

Op zo'n moment denk je: verkeerde combinatie. Dat is precies de verkeerde conclusie.

De pot is de maat, niet de plant

Sindsdien tel ik liters in plaats van planten. Als ik naar een pot kijk, vraag ik me niet af wie naast wie kan, maar hoeveel grond er per plant overblijft als ik alles wat erin staat bij elkaar optel.

Wat ik aanhoud: tomaat, paprika en aubergine tien tot twintig liter per plant, komkommer aan de bovenkant van die range en liever meer, courgette ruim boven de twintig. Sla, radijs, rucola, spinazie en de meeste kruiden doen het met drie tot vijf liter. Tussen die twee groepen zit bijna een factor vier, en dat is waar het misgaat: mensen verdelen een pot eerlijk, niet naar behoefte.

Ik heb één keer een litermaat gepakt en mijn potten daarmee gevuld om te zien wat er echt in zat. Dat viel tegen. Een pot die naar onderen taps toeloopt, houdt veel minder over dan zijn doorsnee doet vermoeden; denk bij een pot van dertig centimeter doorsnee eerder aan tien of vijftien liter dan aan twintig. Reken dus niet met wat je oog zegt of met de maat die op de pot staat, maar met wat er werkelijk in gaat.

Het bewijs krijg je in oktober, als je de pot leegkiept. Een tomaat heeft dan het hele volume volgezet met een dichte mat wortels. Bij een kropje sla blijft er een kluitje over dat je in één hand houdt. De pot vertelt je achteraf of je te veel hebt gevraagd.

Worteldiepte is een bonus, geen vervanging van liters

Wat wél klopt aan het idee van combineren: planten wortelen niet allemaal op dezelfde hoogte. Een tomaat stuurt zijn wortels diep, een kropje sla en radijs blijven in de bovenste laag van tien tot vijftien centimeter. In een pot van dertig centimeter of dieper drinken ze dus uit verschillende lagen en zitten ze elkaar minder in de weg dan je zou denken.

Maar die diepte helpt alleen als het volume per plant al klopt. In een pot van tien liter is er geen ruimte om uit te wijken: diep en ondiep delen daar dezelfde paar centimeters. Je kunt worteldiepte niet inruilen tegen liters.

Snel naast langzaam: de combinaties die ik elk jaar opnieuw doe

De combinatie die werkt is niet die van twee gelijkwaardige planten, maar die van een snelle en een langzame. In mei zaai ik radijs of kropsla rond een jong tomatenplantje. De radijs is in drie tot vier weken klaar, de kropsla in vier tot zes weken; eind juni is de pot gevuld door de tomaat en is het gezelschap al lang opgegeten.

Twee dingen die ik daarbij doe. Ik houd ongeveer tien centimeter rond de steel van de tomaat vrij, zodat ik niet in zijn wortels zit te wroeten als ik de radijs trek. En ik zaai niet dichter dan nodig: de blaadjes van de snelle teelt dekken de grond af, waardoor het substraat minder snel uitdroogt en er geen groene aanslag op de bovenlaag komt. Dat is het echte voordeel van die combinatie, meer nog dan de winst in ruimte.

Rond paprika werkt hetzelfde, met een paar weken extra speling. Rond komkommer is het venster kleiner, want die groeit sneller; dan zaai ik alleen radijs, en alleen direct bij het planten.

Waar het misgaat

Munt. Altijd munt. Die loopt met uitlopers door de hele pot en zit binnen een seizoen overal. Munt hoort alleen te staan, ook als je hem nergens anders kwijt kunt.

Twee grote vruchtdragers in een pot onder de twintig liter. Dat is geen combinatievraagstuk, dat is een tekort van tien liter. Ik heb het geprobeerd met twee tomaten in een pot van vijftien liter; het resultaat was twee magere planten in plaats van één goede.

En verder alles wat te veel blad maakt. Een courgette naast een tomaat ziet er in juni prachtig uit en verstikt de tomaat in juli, nog los van het feit dat een courgette eigenlijk veertig liter voor zichzelf wil.

Een gedeelde pot drinkt sneller leeg

Dit is het punt dat mensen onderschatten. Twee planten in één pot verdampen uit hetzelfde volume, dus de pot droogt sneller uit dan dezelfde twee planten in een bed. Op een balkon komt daar wind bij: ik merk dat een pot op het zuiden, vier hoog, op een warme dag 's avonds duidelijk lichter aanvoelt dan een pot tegen een heg in een volkstuin.

Er zit nog een addertje onder het gras. Als het bladerdek eenmaal dicht is, valt regen op de bladeren en loopt het water over de rand naar buiten. Een flinke bui betekent dus niet dat je pot nat is. Ik steek mijn vinger in de grond of til de pot op in plaats van op de lucht te vertrouwen.

Voeden moet ook vaker. In een gedeelde pot is de voorraad sneller op, en dat merk je aan bleke bladeren en een plant die stopt met groeien. Ik geef in een gedeelde pot vaker en per keer wat minder dan ik in een bed zou doen.

De rekensom die je maakt voordat je zaait

Als ik terugkijk op de potten die tegenvielen, lag het bijna nooit aan de combinatie. Het lag aan te weinig liters en te veel planten. Andersom heb ik in een pot van veertig liter een tomaat en een paprika naast elkaar gehad die het allebei prima deden, met in mei en juni radijs ertussen.

Dus voordat je zaait of plant: tel de liters, deel door wat elke plant nodig heeft, en kijk of er iets overblijft. Blijft er niets over, dan is het geen combinatie maar een conflict. Blijft er ruimte over in de bovenste laag, dan kun je er in het voorjaar iets snels bij zetten dat weg is voordat de grote plant zijn plek opeist.

En in oktober, als je die pot leegkiept op de tegels en de kluit met je handen uit elkaar trekt, zie je precies wie er gewonnen heeft. Bij mij is dat bijna altijd de plant die de liters kreeg.

Over de auteur

De Ochtendplukkers zijn mensen die op kleine schaal groenten, fruit en kruiden telen in Nederlandse tuinen, op balkons en volkstuinen. Ze kennen de ochtenddauw, de zware klei en de eerste aardbeien van het seizoen.