In een nat voorjaar is de plantui de veiligste keuze: die gaat vanaf maart de grond in zodra de bovenlaag net bewerkbaar is, verdraagt een koude en vochtige bodem beter dan zaad, en levert in het eerste jaar bijna altijd een bruikbare bol. Zaaiui werkt alleen als je kunt wachten tot de grond echt is opgedroogd en opgewarmd. Bosui is de uitwijkoptie waarmee je het risico spreidt: kleine porties, elke drie weken, zodat één mislukte zaaironde niet je hele oogst kost.

Eerst voelen, dan beslissen
Ik sta eind maart met de riek naast het bed. Gisteren regen, eergisteren ook, en de dagen daarvoor was het niet veel beter. De riek gaat er met tegenzin in. Als ik hem omhoog trek, hoor ik dat zuigende geluid en blijft er een klomp klei aan de tanden hangen die niet vanzelf loslaat.
Dan doe ik wat je op klei uiteindelijk leert: een handvol grond in je vuist, knijpen, kijken. Blijft het een glimmende bal die zijn vorm houdt en zie je vocht tussen je vingers doorkomen, dan gaat de riek terug het schuurtje in. Kruimelt de klomp tussen je vingers uit elkaar, dan is het zover.
Dat is in een nat voorjaar de enige beslissing die echt telt. Niet het zaaischema, niet de rassenlijst. De vraag is of het water uit de bovenste tien centimeter weg wil. Pas daarna komt de vraag wat je erin stopt.
Waarom natte grond zo'n harde grens is
Er gaan twee dingen mis, en ze versterken elkaar.
Het eerste is het zaad. Uienzaad kiemt traag en heeft warmte nodig. In een bodem die nog geen tien graden is, gebeurt er wekenlang niets, en al die weken ligt dat zaad in het vocht. Tegen de tijd dat het warmer wordt, is een deel allang weggerot. Je ziet het pas als je na drie weken in het geultje kijkt en er niets staat, of één rij miezerige sprietjes die meteen omvallen.
Het tweede is de grond zelf. Op een nat bed lopen of werken druk je de poriën dicht. Dat merk je niet meteen, maar die verdichting blijft het hele seizoen: wortels komen er niet door, water blijft erboven staan. Ik heb een jaar gehad waarin ik uit ongeduld toch over het bed liep, en de rijen daar deden het zichtbaar slechter dan de rijen waar ik vanaf de kant bij kon.
En dan de plantui, die zijn eigen valkuil heeft. Een bol die koud en nat staat, en daarna een paar warme dagen krijgt, denkt dat de winter voorbij is en schiet door: een bloemstengel in plaats van een bol. Dat gebeurt niet door één ding, maar door de combinatie. Te warm bewaard in de keukenla, of te koud en te nat in de grond. Allebei even fataal.
Plantuien: het puntje net gelijk met de grond
Plantuien gaan van maart tot half april de grond in, ongeveer 10 centimeter uit elkaar in de rij en 25 tot 30 centimeter tussen de rijen. Het puntje komt net gelijk met het grondoppervlak, niet dieper.
De fout die ik het vaakst zie, is dat mensen ze erin duwen als een spijker. Dan pers je de grond onder de bol samen tot een hard plaatje, en precies daar blijft het water staan. Ik maak een gaatje met een pootstok of gewoon een potlood, zet de bol erin, en druk de grond er zachtjes tegenaan. Niet erin, tegenaan.
Blijft het bed echt nat, dan leg ik een ruggetje aan. Tien, vijftien centimeter hoog is genoeg. De plantuien komen bovenop te staan, en het water zakt naar de paden. Dat ene ruggetje heeft me meer opgeleverd dan welk ras dan ook.
Water geven doe ik in zo'n voorjaar niet. Ze verzuipen eerder dan ze verdrogen.
En die ene plantui die al een groen puntje heeft als hij uit het zakje komt? Die is te warm bewaard en schiet bijna zeker door. Ik zet hem apart, dicht op elkaar, en oogst hem jong als bosui. Geen bol, maar ook geen verlies.
Wat plantuien wel kosten: ze zijn duurder dan een zakje zaad, en je hebt minder keuze. Daar staat tegenover dat je in het eerste jaar bijna gegarandeerd iets oogst. Dat is precies waar je in een nat voorjaar behoefte aan hebt.
Zaaiui: voordeliger en meer keuze, maar je hebt een droog venster nodig
Zaaiuien zaai je dun in geultjes van ongeveer 1 centimeter diep, met 25 tot 30 centimeter tussen de rijen. Binnen een paar weken dun je uit naar 5 tot 8 centimeter, anders worden het allemaal kleine knolletjes die nergens heen groeien.
Dat uitdunnen is een echt karwei, en het is ook het moment waarop je het meest verprutst. Je trekt zaailingen los, de buren in de rij komen scheef te staan, en in natte grond trek je hele kluiten mee. Ik doe het op een droge dag, in twee rondjes, en ik laat de uitgedunde sprietjes liggen waar ze liggen.
Het voordeel van zaad is niet klein: het is voordeliger dan plantuien, en het aanbod aan soorten is veel breder. Rood, wit, zoet, bewaarvast, het maakt allemaal niet uit welke naam erop staat, het punt is dat zaad je keuzes geeft die je met een zak plantuien nooit hebt.
Maar in een nat voorjaar ligt dat voordeel stil. Direct zaaien in een koude, natte maartse bodem mislukt meestal, en dan heb je niet alleen geen oogst, je bent ook een maand verder voordat je het weet. Wachten tot de grond bewerkbaar is, is geen verloren tijd. Het is de enige manier om dat zaad überhaupt een kans te geven.
Ik heb ook wel eens binnen voorgezaaid in een bak om die wachttijd te omzeilen. Het kan, maar uien verdragen verspenen slecht: alleen als je ze heel jong en met de kluit uitplant, loopt het goed af. In een nat jaar kost het meer gepriegel dan het oplevert. Ik doe het niet meer.
Bosui: de verzekering die altijd doorgaat
Bosui is het gewas dat het minst met het weer te maken heeft, en daarom zaai ik het altijd.
Elke drie weken een klein portie, van maart tot in juli. Ondiep zaaien, in een smal bandje in plaats van in strakke rijen, en niet te streng uitdunnen. Je oogst ze toch jong, dus die paar centimeter extra maakt niets uit. Drie tot vier weken later heb je iets om de sla mee op te fleuren.
Het mooie is dat bosui ook in een bak op het balkon werkt. In een nat voorjaar zet ik die bak tegen de muur, waar hij beschut staat, en dan heb ik iets te oogsten terwijl het grote bed nog opdroogt. En als het bed in mei eindelijk goed is, heb ik nog steeds die kleine porties lopen. Ze lopen elkaar niet in de weg.
Hoe ik het uiteindelijk aanpak
De volgorde is bij mij altijd dezelfde.
Eerst het grondtestje met de hand. Nat en koud: plantui, en dan op een ruggetje. Zandgrond of een bed dat snel opdroogt: dan mag zaaiui wel, als er een droge week in het vooruitzicht is. En wat de grond ook doet, er gaat altijd een bandje bosui in, deels in een bak langs de muur.
De eerlijke afweging is dat plantui de meest voorspelbare eerstejaarsoogst geeft, terwijl zaad voordeliger is en meer keuze biedt maar een gunstig moment nodig heeft. In een nat voorjaar heb je dat gunstige moment niet in de hand. Daarom weegt voorspelbaarheid zwaarder dan voordeel, zolang het nat blijft.
Ik heb jaren gehad waarin de plantuien wonnen en jaren waarin de zaaiuien wonnen. Het verschil heeft nooit in de zaaitabel gezeten, altijd in het weer van die vier weken in maart en april. Wie durft te wachten, op een ruggetje poot, en ondertussen bosui zaait, houdt in ieder geval iets over.
